EXPERT VIEW

Kinesitherapeut Team BELGYM Vincent Callewaert

Opnieuw aan het sporten na een lange periode, wat doet dat met het lichaam? Vincent Callewaert volgt Wouter Taurin op als kinesist van Team BELGYM. Hij was aanwezig op de Olympische Spelen afgelopen zomer en is tevens kinesist van het Belgisch Olympisch Comité. Een grote aanwinst dus voor de federatie.

Wie is Vincent?

Vincent Callewaert is al ruim 20 jaar werkzaam als kinesitherapeut in de sportsector. Hij is zaakvoerder van de praktijk SQUADT, een revalidatiecentrum voor sporters in Gent en Waregem. Ondertussen is hij ook al een 12-tal jaar actief in de wereld van de federaties zoals het Belgisch Olympisch Comité (BOIC) en hij ging als vaste kinesist mee naar de Olympische Spelen in Rio 2016 en Tokio 2021. Hij noemt zichzelf een allrounder. Hij kent heel veel van verschillende sporten, maar is geen specialist in één specifieke discipline. Zijn grootste uitdaging is ongetwijfeld de sportspecifieke termen en blessures binnen de gymnastiek ontdekken.

De grootste valkuil voor sporters na een lange periode van decompressie

Corona zorgde ervoor dat heel wat sporters een langere periode van detraining (mindere belasting) hadden en het lichaam minder te maken kreeg met de meer doorgedreven of specifieke trainingsprikkels. De meeste sporters zijn bijgevolg verzwakt. Er moet dus veel aandacht worden besteed aan rustig opbouwen. Het grote gevaar is dan om te snel te veel op te bouwen naar een normale toestand. Dergelijke uitzonderlijke situaties vergen ook een bijzonder rustige opbouw. Na een normale decompressieperiode (periode van rust) kan je best opbouwen aan een progressie in training van ongeveer 10-15% per week.

 

Drie tips voor een rustige opbouw van het lichaam

  1. Houd rekening met het ‘load management’. Het advies luidt om je trainingen op te drijven met ongeveer 10 tot 15% belasting per week.
  2. Train je meerdere keren per week? Dan kunnen recovery drinks (hersteldrankjes) helpen om je lichaam sneller te laten recupereren. Proteïneshakes zijn daar bijvoorbeeld heel geschikt voor.
  3. Beoefen je een discipline waarbij er veel belastbaarheid komt uit sprongen? Probeer deze dan zoveel mogelijk te spreiden op weekbasis. Elke training 15 min. i.p.v. één training 1 uur aan een stuk, zodat de zware impact verdeeld wordt.

Hoelang heeft het lichaam nodig om fysiek en coördinatief opnieuw te staan waar het gestopt is vóór een periode van rust?

De periode die het lichaam nodig heeft om weer even sterk te staan als vóór de periode van rust hangt af van drie zaken. Eerst en vooral de duurtijd van de rust. Hoe langer de periode van rust, hoe langer het zal duren eer het lichaam opnieuw op 100% staat. Daarnaast speelt ook het volume van de training een rol. Train je 20 uur per week? Dan zal je lichaam langer nodig hebben om weer op dat punt te geraken dan bij iemand die maar 2 of 3 uur per week traint. En als laatste speelt natuurlijk de intensiteit van het trainen een grote rol. Hoe intensiever je traint, hoe langer het zal duren om opnieuw op dat niveau te geraken. Zo zijn er elementen die veel intensiever zijn voor een lichaam dan andere elementen. Het zal bijvoorbeeld langer duren vooraleer je weer je vroegere niveau van een sprong haalt dan van pakweg een achterwaartse salto op brug. Geef je lichaam vooral voldoende tijd en bouw langzaam op.

Blessures vermijden doe je zo

Alles begint bij een veilige omgeving. Sta stil bij de inrichting van je zaal. Wat kunnen we preventief verbeteren om kleine accidentjes te vermijden? Zijn onze valmatten oké? Is er voldoende veiligheid? Naast blessures die lang aanslepen, zijn er namelijk ook letsels die je acuut kunt oplopen door bijvoorbeeld met je voet ergens tegen te botsen. Daarnaast zijn ook voeding en voldoende vochtinname enorm belangrijk! Verzorg je lichaam, zorg dat je vitamine D op peil staat en drink voldoende water, want dat zorgt ervoor dat je spieren en botten optimaal functioneren. En als laatste is het eerder vernoemde ‘load management’ essentieel. Bouw vooral niet te snel op.

Ga ik met een klein pijntje naar de dokter/kinesist?

Het gebeurt vaak dat je op training ergens last van hebt: een botje dat niet goed aanvoelt, een pees die een beetje ontstoken lijkt. Bij kleine pijntjes die eenmalig voorkomen, hoef je natuurlijk niet onmiddellijk naar de kinesist of dokter te snellen. Maar wanneer je gedurende drie opeenvolgende trainingen last hebt van dezelfde klachten kan je stellen dat er iets mis is en zoek je beter hulp. Wanneer je plots hevige pijn hebt, is het uiteraard ook aangeraden om naar de dokter/kinesist te gaan. Het is belangrijk om de oorzaak van je probleem aan te pakken en niet gewoon een beetje te rusten. Rusten na pijn neemt de belasting wel even weg, maar niet de belastbaarheid. Wanneer je opnieuw begint te sporten, zal de pijn terugkomen.

Mentale weerbaarheid speelt een belangrijke rol

Na een moeilijk seizoen vorig jaar zijn we gelukkig allemaal goed kunnen starten. Iedereen kan opnieuw sporten zonder mondmasker en voorlopig lijkt de situatie stabiel. Maar de coronacrisis heeft ongetwijfeld bij heel wat sporters sporen nagelaten. Sommigen zijn hun vertrouwen kwijt, hebben meer angst gekregen of hebben het gevoel dat ze niet meer even goed zijn als ervoor. Schenk daarom als trainer ook aandacht aan het mentale aspect van de sporter. Een sporter die goed in zijn vel zit en vertrouwen heeft in zichzelf, zal minder kans hebben om blessures op te lopen. Zorg ervoor dat de doelen en perspectieven haalbaar zijn en geef de sporter goesting om ernaar toe te werken.